Jij bent jij

Stel je nou eens voor, dat je een persoon tegen het lijf loopt die jou uitmaakt voor boterkoek. Jij, duidelijk geen boterkoek, probeert deze individu ervan te overtuigen dat je niet bestaat uit dit mengseltje van ei, suiker en boter. Jouw vreemde opponent gaat een tijdje zo door, totdat je uit vermoeidheid hem gelijk geeft. Het effect van deze beslissing bestaat uit twee delen. Ten eerste zal je je voelen als boterkoek. Hoe je huid licht krokantig en bruin is, hoe je met je nagel bij wijze van spreke je naam in jezelf kunt drukken. Hoe je de vettigheid tussen je duim en wijsvinger voelt als je ze tegen elkaar wrijft. Hoe je je fragiel voelt, bang, dat er een stuk van je zelf zal afbreken. Ten tweede zal je jezelf afvragen hoe het zover heeft kunnen komen dat iemand jou er van overtuigt dat jij een boterkoek bent. Het mentale vraagstuk dus. Had de persoon, met wie jij discussie voerde, ooit opgehouden te zeuren als je scherper van repliek was? Over dat moment waarbij jij de kans schoon zag in te grijpen toen de discussie een draai maakte van één naar twee mespuntjes zout? Dat je niet bij het opnoemen van de oventypes al had kunnen aangeven dat het een irrelevant punt was om in te brengen bij een discussie? Zo van: “boterkoek is boterkoek, of je dat nou na 45 minuten uit een Smeg trekt of na 50 minuten uit een Bosch. En dat je vreemd genoeg beledigd begon te voelen toen er de voorgeprepareerde oplossingen op tafel kwamen. Ik ben toch zeker geen pakje van de koopmans? Nee. Jij bent jij. Met al jouw complexiteiten. Voel je trots en vergeet niet te vergeten wie je bent. Twee harde stukken wafel met een smeuiige vette laag stroop erin. Jij bent een stroopwafel. Laat je niet gek maken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *