Gedrocht op visite

Het beest, het gedrocht. Het stinkende, rode geschilferde, 3 meter hoge beest met zijn grote snuit loopt door de straat van een hollandse jaren zeventig woonwijk. De keurige doorzonwoningen met hun oranje dakpannen liggen er netjes bij. Het gedrocht loopt op een willekeurig huis af. Binnenin het huis zit een gezinnetje the voice te kijken. Het gedrocht loopt DOOR de woning heen. Alles om hem heen breekt. Het gedrocht begint aan de keukenzijde. Het keukenraam breekt als eerst. Het aanrecht breekt in tweeën. De keukentegels breken aan diggelen, waarna er alleen nog een mozaiek van te maken is. Het plafond komt ter hoogte van de torso van het gedrocht. Het plafond krult op. Het gedrocht is aangekomen bij het zitgedeelte.

Een meisje op tv zingt een liedje van Adéle. Dit meisje heeft niet door wat er zich gaat afspelen in deze woonkamer. Het gedrocht grijpt met zijn klauw de TeeVee vast en vermorzelt de projectie van het meisje in zijn krachtige klauwen. Vonken vliegen er vanaf. Het vervormde geluid van Adéle blijft uit de perfect werkende speakers komen waarna het gedrocht vuur blijkt te kunnen spuwen die hij richt op de Stereoversterker die de Man des Huizes die zelfde week nog vaardig aan de televisie heeft geklust met een AUX kabel. Voor de zekerheid wordt de verkoolde versterker nog in twee stukken gescheurd als ware het een aviertje.

De familie verschuilt zich in de woonkamer, wetende dat zij dit niet gaan overleven. Het gedrocht richt zich tot de familie. Het is een wat apart tafereel want het gedrocht is moeilijk te zien met zijn hoofd op de volgende verdieping. Hij maakt wat ruimte door met zijn torso het gat in het plafond van de woonkamer groter te maken. Er valt een bed naar beneden, op de hond. Door een stapje achteruit te nemen ziet hij het angstige gezin in een hoekje zitten. Hij begint met het jongste kindje vandaag. Het kindje schuilt onder de bank, de trillende voetjes verklappen de aanwezigheid. Het gedrocht trekt het onder de bank vandaan en pakt het krijsende stukje ellende in zijn linkerklauw vast. Eerst het kopje eraf, heeft hij geleerd op de school van gedrochten. Dan blijft de rest lekker mals. Plop. Bloed spuit de woonkamer in. Op de rode Norsborg hoekbank zien we er gelukkig niets van. De armpjes spartelen nog wat na. Ondertussen begint moeders ongelooflijk te krijsen. Dit was altijd het nadeel van zo’n binnenwandelsessie. Je verscheurt letterlijk zo’n heel gezin en dat moet geuit worden op de een of andere manier. Het gedrocht bijt de jongste af tot aan de onderbuik. Het malse orgaanvlees smelt zachtjes op de ruwe tong van het gedrocht. De benen bewaart hij voor later, Daar maakt hij straks een salade van.

Dan is de Moeder aan de beurt. Hij heeft het niet zo op moeders. Hap slik weg. Taaie schedel deze keer. Krak. De lelijke spataderbenen van de moeder halen de salade niet. Het gedrocht opent voorzichtig de GFT-bak en propt de benen tussen het resterende tuinafval en de gebruikte senseo-pads, het past allemaal maar net. Vanavond zou hij aan de straat gaan. Vader en de oudste zitten lijkbleek in een hoekje hun lot af te wachten. Het gedrocht besluit nog eventjes te wachten met die twee.

De hele vloer van de woonkamer is onder het bloed komen te staan. Plens plens. Van de keuken is weinig meer over. De eetkamertafel staat er nog wel vrij netjes bij. Dus het gedrocht zorgt ervoor dat deze nog eventjes plat wordt gemaakt. Een relatief klein klusje voor een gedrocht. Het is tijd voor een tweede ronde. Het oudste kind, een puber van een jaar of veertien, zit huilend als een baby in de hoek van de kamer. Hij voelt zich niet fijn. Het gedrocht hurkt door de gedrochtenknieeen en voor de eerste keer ziet de puber het lelijke, korsterige gezicht en grote snuit van het gedrocht. Het zal het laatste zijn wat hij ziet. In de ene klauw, het lijf. Met de nagel van zijn andere klauw snijdt hij de keel van de puber door. De hoge druk van het bloed spuit in de mond van het gedrocht. Het smaakt hem voortreffelijk. Het linkerarmpje, het rechterarmpje worden als kippenpootjes losgetrokken van het rompje. Het wil niet echt, alles is een beetje glibberig geworden van het bloed. Nog een keer. Nu wel, het armpje scheurt los en er blijven nog wat spieren en pezen aan het uiteinde bungelen. Spelen met je eten wordt aangemoedigd op de school van gedrochten. Angst kan als een natuurlijk specerij werken, je hebt erna eigenlijk niets nodig. Sommige gedrochten nemen wel eens zout mee naar hun binnenwandelsessies, maar deze probeert een beetje op z’n bloeddruk te letten.

De benen van de oudste worden aan de kant gelegd. Twee paar benen voor in de salade nu. De voeten blijven altijd een half uurtje natrillen. Als het gedrocht snel is proeft hij dat nog, dat kietelt dan zo lekker in de mond. Vader is over. Heldhaftig staat hij op. “Hier ben ik, doe wat je wilt” zegt de vader heldhaftig als een held. Iets waar hij spijt van zal krijgen. Het gedrocht heeft de tijd. Omwonenden zijn te druk bezig met filmen, niemand denkt eraan de politie te bellen. Het bebaarde hoofdgerecht wordt in de toevallig nog functionerende oven gepropt. Gelukkig had het gezin een Smeg Maxi-oven waar een volledig persoon in past. Bij binnenkomst had het gedrocht dit fraai staaltje techniek al in zijn ooghoek zien langskomen en het “perongeluk” gemist bij het vertrappen van de woonkamer. Beter nog, hij had de over vast voorverwarmd op 220 graden Celcius. De vader werd eringepropt. Natuurlijk probeert hij, net zoals alle andere hoofdgerechten, de oven te ontsnappen dus heeft het gedrocht een dwarsbalkje tegen het deurtje gezet. Dit was een mooi moment om de salade voor te bereiden.

In de tuin stond een rijtje slecht gesnoeide coniferen die hij uit de grond trok. Dat er wat grond meekwam in de salade vond hij nooit zo erg. De takken van de conifeer trok hij los van de stam. Met hij bedoel ik het gedrocht dus, wie anders pff. De coniferenbladeren werden bij elkaar gelegd in de woonkamer en namen een gedeelte van het bloed op. De benen snijdt hij altijd in stukjes met de elektrische heggenschaar. Maar die was stuk dit keer. Dan maar met de handen losscheuren, lekker op z’n surinaams. Nog even wachten op het hoofdgerecht, hij was bijna klaar nog 4 minuutjes volgens zijn timer. Hmm hmm. Het gedrocht dagdroomt een beetje over Fifa voetbalspelletjes en genetisch gemodificeerde aubergines.

Dan gaat de timer, vader is klaar. Hij is heel krokant geworden. Alleen het hoofd is iets verbrand, Dat gebeurt altijd het snelst. De oren, de neus, ze raken altijd verbrand. Doe je niets aan. Ook de oogkassen zijn volledig leeg en zwartgeblakerd. Het gedrocht gaan in de woonkamer zitten in kleermakerszit. Links; vader-uit-de-oven, rechts: benensalade. Eet smakelijk gedrocht!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *