Flups, een bonusblog.

BESTE LEZER. DIT IS EEN DISCLAIMER. IK HEB MET MEZELF AFGESPROKEN AL MIJN CREATIEVE UITINGEN ONLINE TE ZETTEN. DIT IS EEN 1-OP-1 DUMP UIT M’N BREIN. IK DENK DAT HET INTERESSANT KAN ZIJN OM ER EEN KIJKJE IN TE NEMEN. MAAR OP EEN GEGEVEN MOMENT NEEMT HET EEN WAT DUISTERE AFSLAG. DAAR BIED IK MIJN EXCUSES VOOR AAN. IK BEN DOORGAANS EEN LIEVE JONGEN. VEEL LEESPLEZIER.

Typerdetiep. Het verhaal van pixar vond ik interessant. Dat je met een groep of 20 man in een hutje in het bos met z’n allen gaat brainstormen. Heel eerlijk tegen elkaar zijn. Er wordt gepraat over dingen als emotionele boog in een verhaal. En over als een verhaal vast zit, hoe dat dan wordt opgelost. Wat ik ervaarde tijdens het lezen van het boek, was een soort verademing. Een bedrijf waarbij men zo eerlijk tegen elkaar kan zijn, alles met als doel een mooi project opleveren. En het leren falen. Het is een boek dat heel erg past bij de levensfase waarin ik nu zit. Mijn 29-jarige ik, die op een bepaalde manier tot rust is gekomen, maar ook graag projecten samen wilt doen met mensen, omdat je daardoor tot een mooi resultaat komt. Samen iets fantastisch moois neerzetten. Dat kan je gewoonweg niet in je eentje. En nu zit ik in een soort situatie waar ik al vaker in heb gezeten: VR, wel of niet. Het is een enorm risico, denk ik dan. Maar is dat wel zo? Ik doe het er toch gewoon naast? Ben ik bang dat ik straks teveel tijd aan VR besteed? Ik wil anders gewoon een regelmatig leven leiden, en dan m’n hele dag volplannen. Of in ieder geval proberen de taken te doen op die dag. En verder ga ik een beetje waar de wind me naartoe blaast. Dus het is ook wel lekker om ook die technische kant wat meer aan te sporen. Dus mijn leven bestaat nu uit Lindy hop, Drummen, Bloggen, en m’n onderneming. En toch voelt het alsof de onderneming hetgene is waar ik al mijn tijd aaan moet besteden. En dat is raar. Ik geniet zo van al die leuke dingen. Dan denk ik: pleeg ik geen roofbouw op m’n toekomst? Ik ontwikkel mezelf alle kanten op, maar waar verdien ik uiteindelijk mijn geld mee? Dat geld verdienen, dat lukt nog niet echt. Maar dat wil ik wel graag. Niet per se op een conventionele manier. Ik ben immers ondernemer. Maar ik wil iets bedenken, iets waar de markt op zit te wachten. En ik zou niet weten hoe. Ik voel me niet genoeg een commercieel zwaargewicht om iets tofs neer te zetten. Het maakt ook eigenlijk niet zo heel veel uit WAT het is waarmee ik uiteindelijk wil doorbreken. Wil ik doorbreken? Ja, ik wil wel mijn stempel op de wereld achterlaten, wie niet? Maar het is ook wel erg comfortabel nu. Ik heb m’n computertje, ik heb m’n blogje, ik heb een gelukkig leven. Ik voel me gelukkig, maar toch mist er iets. Ik mis denk ik een project waar ik lekker aan kan bouwen. Ik blog nu. Moet ik dat blog stoppen, zodat ik meer tijd over houd om te besteden aan andere dingen? Ik bedoel: het is wel heel gemakkelijk nu dat bloggen. Ik kom lekker in de flow, zoals nu. Beetje reflecteren op mezelf. Niets aan het handje. En vervolgens is het een uur verder. Een uur dat ik ook nuttiger had kunnen besteden. Maar in ieder geval is het al nuttiger dan het te besteden aan social media en die flauwekul. Kijk eens al die mensen ’s avonds op hun telefoons kijken. Tuurlijk. Gezellig doen is ook belangrijk. We hebben allemaal dat sociale nodig. Maar ik wil ook ergens naartoe bouwen. Bouwen bouwen bouwen. Misschien wat meer verdiepen in ondernemingen. Op een bepaalde manier verdiep ik me dus al in ondernemingen, door dat boek van Pixar. Zucht. Wat is het soms toch vermoeiend om niet echt een doel te hebben. De focus, die komt nu in ieder geval een beetje. En daar ben ik extreem blij mee. Maar daar word ik ook weer wat minder gezellig door. Tja. Het blijft allemaal een beetje balanceren. Man, wat zou ik graag bij Pixar willen werken. Maar dan vooral vanwege Pixar Braintrust. Dat kan ik natuurlijk zelf ook opzetten. Maar dat is wel spannend. Maar wel te doen. Fouten maken dan maar. Lekker een groepje mensen bij elkaar en iets creatiefs neerzetten.

Even wat anders. Wat was het leuk om vandaag even door Innsbruck te lopen. Wat een mooie stad. Ik raak dan helemaal geinspireerd. Het maakt me niet zo heel veel uit als ik al die trekpleisters mis. Het centrum, met al die winkeltjes en marktjes is leuk. Maar ik heb nog niet het gevoel dat Innsbruck echt mijn stad is. Er komen niet per sé inspirerende mensen vandaan. Geen bekende componisten, voor zover ik weet. Die komen dan allemaal uit Wenen of Salzburg. Maar het is geen verkeerde stad. Innsbruck is een beetje het Zwolle van Oostenrijk, gok ik. Zo’n stad die dan op een belangrijke handelsroute ligt, waar mensen komen en gaan. Een hotel die er prat op gaat dat Wolfgang Amadeus Mozart er een keertje gelogeerd heeft. Een Swarovski experience winkel. Mozartkugeln. Nu afgeprijsd voor duur in de toeristenwinkeltjes, maar in bulk te verkrijgen in de lokale spar. Spar, volgens mij staat dat voor “Sparen”, of “Bespaar”, ofzo. En ik loop in gedachte weer verder door de lange straten met gesloten winkels in Innsbruck. Zondag is alles dicht. Volgens mij wordt morgen leuker.

Mag ik je voorstellen aan Johan? Johan is een 43-jarige architect. Hij is getrouwd en heeft twee kinderen. Johan is een eenvoudige architect. Niet zo’n omhooggevallen, coltrui- en flinterdunnebrilmontuurdragende flapdrollen zoals zijn collega’s vaak zijn. Johan woont in een appartement in Amsterdam Zuid. Hij doet het zeker niet slecht voor een Architect. Maar hij heeft zijn succes niet behaald door het neerzetten van supersonische wolkenkrabbers. Hij ontwerpt liever functionele, prettige woningen voor jonge gezinnen. Johan heeft zijn hele leven gevoetbald. Elke zondag speelt hij met zijn team competitie bij de lokale voetbalvereniging. Hij is niet zo actief. Dat was hij vroeger wel. Maar zijn gezin is niet heel erg van het voetbal. Johan is een toegewijde man maar na jaren van desinteresse van zijn gezin neemt ook zijn inzet daardoor wat af. Dat, en het auto-ongeluk dat hij in 2006 heeft opgelopen maakt dat hij wat eerder moe is. Verder Johan een prettige vent om mee in gezelschap te zijn. Hij is aan de kleine kant, draagt graag een overhemdje en een trui daaroverheen, zodat hij z’n overhemd niet hoeft te strijken. Daaronder vaak een goede jeans en schoenen die hij op maat laat maken in italië. Daar is hij heel nuchter over; hij vindt goede schoenen belangrijk. Verder is hij helemaal niet omhooggevallen. Wat wil Johan verder nog uit het leven halen? Niet heel veel. Hij is vrij gelukkig met hoe hij is. Wat een saaie bal gehakt, die Johan eigenlijk. Misschien moeten we eens kijken of we iemand anders kunnen verzinnen.

Ik heb hier Claire. Claire werkt als secretaresse bij het hoofdkantoor van een groot modeconcern in Rotterdam. Ze is een lange tante, 1.81m. En heeft een prachtig uiterlijk. Ze heeft lange, blonde haren en draagt graag zwart. Dat wordt ook van haar verwacht. In haar vrije tijd gaat ze graag een rondje lopen. Ongeveer 3 keer per week loopt ze een een uur hard rond de kralingse plas. Op vrijdagavond ploft ze op de bank neer in haar appartementje en gaat ze de voice zitten kijken. Claire heeft magische krachten. Ze kan iedereen afluisteren die ze wil. Dat was vroeger nog wel een probleem, toen had ze die krachten nog niet goed onder controle, zoals zoveel superhelden dat hadden. Maar rond een jaar of 10 kon ze dat wel. Dat maakte haar in haar puberteit heel onzeker. Want ze ontdekte dat mensen over haar roddelden. En dat trok ze zich enorm aan. Maar Later begreep ze dat ze daar niet meer naar hoefde te luisteren, omdat er over iedereen werd geroddeld. Het is wel gaaf, als je alles en iedereen kan horen. Ze kan ook buitenlanders afluisterren. die kan ze gewoon verstaan in haar eigen taal. Het is daarom eigenlijk een beetje gek dat ze niet politica is geworden, of bij de VN werkt als tolk. Maar zodra ze haar echte oren gebruikt, dan kan ze opeens buitenlandse taal niet meer verstaan. Claire is al wat interessanter, als personage. Maar ze is nog wel een beetje een saaie muts die dan maar op de bank de voice gaat kijken.

Dan heb ik hier nog Otto. Otto is een jongetje van 8 die op een boerderij in het dorpje flups woont. Otto heeft geen magische krachten, maar is wel een heel bijzonder jongetje. Otto heeft namelijk een bijzondere wens. Otto wil later, als hij groot wordt, dictator worden. De mensen in het dorp flups nemen Otto niet heel erg serieus, want ja. Wat is dat nou voor een wens. Waarom wil hij dictator worden? Dan ga je toch ook niet een gelukkig leven tegemoet? Otto heeft een volwassen besef. Hij heeft al vroeg geleerd wat de dood is, en daar heeft hij een stelling over ingenomen. Hij heeft besloten niet bang te zijn voor de dood. Hij wil graag dictator worden, want dat is zijn enige logische pad. Dat is hem van tevoren ingefluisterd door de Stille Kracht, een niet-tastbare entiteit die hij perongeluk is tegengekomen in het bos vlakbij de boerderij. Dat zit zo: sinds een tijdje mag Otto alleen het bos in. Otto heeft niet veel vrienden. Otto woont bij zijn opa en oma in het bos. Hij begreep nooit wat “ouders” waren. Op een herfstige dag in oktober trok hij het bos in, waar hij alleen kon zijn. In het bos kwam hij wel eens entiteiten tegen: die gaf hij dan namen. Azareus en Ueda waren twee van deze entiteiten. Het zijn onzichtbare krachten. Hij zag ze af en toe, als een schim in de bomen. De entiteiten geven hem instructies. Hij vond ze aardig, ze leken geen vlieg kwaad te doen. De entiteiten hadden geen doel; ze waren daar nou eenmaal. Otto voelde ze. Op een dag fluisterde Ueda Otto in: Jij bent het. Wij helpen je. Otto voelde zich veilig. Hij keek naar boven; het was al laat. Otto stond stil en liet de dood om hem heen grijpen, zoals hij vaker deed. Bomen verbleekten en alle vogels vielen recht naar beneden in de grijs geworden bladeren, in een staal van 4 passen gebeurde dit. Otto klikte zijn kaken een beetje. Hij voelde zich thuis. De Entiteiten hadden hem vandaag goed voorbereid op de Gebeurtenis.

Tja tja tja. bladiebla, koeienvla. hopjesvla. Moeimoeimoei ratel reutel fladieda. Zit je vast? ZITJ EVA ASTE? DE GODVERGETEN TERROR VAN ELLENDE. HET BREIN IS KNEEDBAAR HIJ IS HET KWAAD HEIL SATAN EN WAT NEIT AL. Hehe.

Heil satan, en wat niet al. Want het leven is al zo kort. Geef me een koekje, ik stuur er 10 op je af. Wie? 10 logische bijtjes van honing en gort. Parelgort om precies te zijn. We zijn duister, we zijn levend we zijn licht. Het maakt niet uit. De sokken zitten op voeten, de scheetjes mogen gelaten worden. Ik ben spontaan. Ben jij het ook ? Lees maar door. We zijn nog wel even bezig hoor. Een treintje. Een paprika. Een ei. Een reep chocola. De bajes, een vriend. Regels. Gedichten. Muziek, Poezie. Pak het beet. Pak me dan. Dobbelsteen. Bordspel. Gnoom. Warmte, en gezelligheid. Ik ga alle kanten op. Kun jij dat ook? Ken je dat? Wat denk jij er van? Vind je dat ook? Is er leven na de dood? Is er dood na het leven? Sta je daar wolkjes te blazen, in de koude winter. Het is donker. Maar in de duisternis is er licht. Er is altijd licht, komop man. Eventjes terug naar af. Ga niet langs start. Want je weet net zo goed als ik dat het leven geen spelletje is. Sta op, en loop. Geef elkaar een dikke knuffel en snijd me nog een plakje van dat goddelijke brood af. Zo knisperig, zo fijn. Met een beetje nutella erop. Of lust je dat soms niet? Heb je soms geen honger? heb je al gegeten dan? Doe er maar wat moeite voor. Doe er maar wat moeite voor. Want van moeite word je moe. De levenslust die je toekomt is gepast. Levenslust? Springen we toch gewoon een eindje de lucht in? Of van de brug. Of van de trein. Waar gaat het heen? Is er een doel? Er is geen doel dus ik ga door. De willekeur houdt me gevangen. Totdat het opeens weer serieus wordt en er een verhaaltje verteld moet worden over een of andere aap in een speelgoedwinkel. Die aap loopt dan met alle speelgoedjes te spelen, tot ongenoegen van de eigenaar. Die aap, zijn naam is leo, smijt ook wel eens met poep en we gaan weer door, want het is weer een weertje he! De logica, als een kraantje opendraaien. Eerst ging het ergens over en nu gaat het nergens meer over! Grappig is dat, dat dat gewoon kan als mens. Als mens. Als mens. Als mens. Ik ben geen mens, ik ben een paar handen met vingers die maar gewoon wat typt in het wilde weg. Dat wilde weggetje is de perfecte weg. Neem de wilde weg. Ik neem hem in ieder geval. Pak m’n hand, ga met me mee. Daar is het veel leuker, dan die andere weg. Oja? Niet waar! Het leven is veel leuker als je het veilige pad neemt. Lekker veilig veilig. Gewoon, op de fiets. Het veilige fietspad des levens. Pas op, wat zien we daar? Het is meneer carriere, die heeft het op je gemunt om je levenslust uit je te zuigen. Met een rietje!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *